Boekverslag Kaas: Auteur: Willem Elschot is het pseudoniem van Alphonsus Josephus de Ridder (1882-1960); geboren in Antwerpen; volgt enkele jaren atheneum (van school verwijderd); studie aan het Hoger Han- delsinstituut; werkzaam op kantoren in Parijs (1907), Rotterdam (1908-'10) en Brussel; trouwt na de geboorte van een zoon met Jeannette Jos‚phine Scheurwegen; zes kinderen; heeft na de eerste wereldoorlog een eigen reclamebureau. Was mede-oprichter van het tijdschrift 'Alvoorder' en de 'Revue continentale Illustr‚' (1912). Kreeg diverse prijzen, o.a. de C. Huygen- sprijs (1951). Het pseudoniem Elsschot is afgeleid van Helschot, een buurt- schap in het Vlaamse Herselt. Elsschots werk is sterk autobiografisch en vaak gesitueerd in de zakenwereld of het huiselijk milieu. Andere werken: - Villa des Roses (1913 - De verlossing (1921) - Lijmen (1924 - De leeuwentemmer (1940) De inhoud: De moeder van de IK-figuur, Frans Laarmans, sterft. Frans is klerk bij de General Marine and Shipbuilding company in Antwerpen. Op de begrafenis ontmoet hij Van Schoonbeke, een vriend van zijn broer Karel. Van Schoonbeke haalt Frans over vertegenwoordiger van Hornstra (een Hollandse kaasimporteur) te worden (voor Belgi‰ en Luxemburg). Frans gaat drie maanden met 'Ziekteverlof', neemt een hoog krediet, richt een kantoor in en bestelt briefpapier. Hij noemt zijn firma General Antwerp Feeding Products Association en begint met een proefzending van 100.000 Edammer kazen verpakt in 370 kisten die hij in een pakhuis (Blauwhoedenveem) laat opslaan. Op een kist monsters na. Frans komt in diverse zotte en schrijnende situaties terecht (vb. het ziekenbezoek van de collega's!). Hij plaatst een advertentie voor werving van agenten, krijgt 164 brieven en stelt 30 agenten aan, over het hele land verdeeld. Er gebeurt echter niets, ondanks alle pogingen blijven de orders uit. Frans wordt tot voorzitter gekozen van de Vakbond van Belgische Kaashandelaren; hij bezoekt tegelmatig diverse agenten en de club van Van Schoonbeke. Tenslotte vraagt hij advies aan Boorman, die in Villa des Roses in Brasschaet woont. Na enige tijd geeft Frans het bedrijfje op en wordt weer klerk op de werf. Er zijn slechts 1 kist en 11 bollen kaas gebruikt voor monsters en geschenken. Te laat komt er een bestelling van 4200 kilo kaas via de agent in Brugge (Ren‚ Viaene). Frans bezoekt het graf van zijn moeder. Over kaas wordt thuis niet meer gesproken. Structuur: Titel: Kaas speelt een belangrijke rol in het verhaal en bezorgt de hoofdpersoon veel ellende. Kaas, opgesla- gen in een pakhuis, is tevens symbolisch voor begra- ven, dood en ontbinding. Opdracht: Een gedicht over o.a. het verwensen van het alle- daagse in de mensen, opgedragen aan Jan Greshoff, die Elsschot tot schrijven stimuleerde. Hoofdpersoon is: Frans Laarmans (de Ik-figuur). - Is bescheiden en nederig, meegaand en hulpeloos (i.t.t. de gewiekste en gewetenloze Boorman! Laarmans en zijn alterego Boorman zijn samen a.h.w. Elsschot zelf: ze keren telkens terug in Elsschots werk); - Is nogal aangeslagen door de dood van zijn moeder, Ad‚le van Elst; - Krijgt ziekteverlof met hulp van zijn broer, de arts Karel; - Is het liefst thuis bij zijn vrouw Fine en de kinderen (Jan en Ida). - Voelt zich niet thuis in de club van Van Schoonbeke; - Heeft eigenlijk een grote afkeer van Kaas. Bouw: Het verhaal heeft in dubbel opzicht een cyclische bouw: Laarmans is achtereenvlogens klerk - koopman - klerk (a); het verhaal begint met een begrafenis en eindigt met een bezoek aan het kerkhof (b) Aan het verhaal, dat bestaat uit 24 hoofdstukken, verdeld over ongeveer 14 brieven, gaan vooraf: - Een inleiding over de stijl (vergelijking met muziek en de lucht die betrekt) - Een opsomming van personen en elementen van het verhaal (vgl. toneelstuk). Plaats: Vlaanderen, m.n. Antwerpen. Tijd: Ruim 2 maanden in 1933. Tijdsverloop is chronologisch. Perspectief: IK-verteller. IK-briefschrijver. Motieven: - Het zakenleven. - Ironie, sarcasme en cynisme (de Cynici vormden in het oude Griekenland een wijsgerige school; ze camoufleerden gevoeligheid.) - Zenuwoverspanning, bitterheid en triestheid - Dood, begrafenis, ontbinding Thema's: Zoeken naar een houding tegenover velies en dood. Menselijke onmacht en onvolmaaktheid, tragiek in het leven van de mens; droom tegenover daad. Stijl: Eenvoudige, ongekunstelde taal zonder mooidoenerij of omslachtigheid (vgl. Inleiding over de stijl); grotendeels in de o.v.t. geschreven. Stroming en Genre: Stroming: Moderne Vlaamse literatuur van het interbellum. Elsschot schrijft sterk persiflerend en cynisch over de menselijke onmacht en de onvolkokmenheid, in eenvoudige, ongekunstelde taal (hij werd 'ontdekt' door de schrijvers van het tijdschrift 'forum') Genre: Ironisch-realistishe roman-in-briefvorm met autobiografische elementen.